Minder kindersterfte

millenniumdoel 4

Millenniumdoel 4

Doel 4 in beeld >>






Het percentage kinderen jonger dan vijf jaar dat in ontwikkelingslanden overlijdt moet in 2015 met tweederde zijn teruggebracht ten opzichte van 1990. In dat jaar stierven in de arme landen 13 miljoen kinderen.

De hoge kindersterfte heeft verschillende oorzaken. Veel kinderen overlijden aan ziektes die voorkomen of genezen hadden kunnen worden, zoals diarree, mazelen, longontsteking en malaria. Toegang tot medicijnen, vaccinaties, een goede hygiëne en een goede gezondheidszorg is noodzakelijk om deze ziekten te helpen bestrijden.
___________________________

Voortgang

Winst
In 2007 is de kindersterfte gedaald tot ongeveer 9 miljoen kinderen. Beduidend minder dan de 12,6 miljoen kinderen in 1990 maar nog steeds onaanvaardbaar veel. Bijna de helft van de kindersterfte vindt plaats in Sub-Sahara Afrika.

Het kindersterftecijfer in de ontwikkelingslanden daalde van 103 per 1000 levendgeborenen in 1990 naar 74 per 1000 in 2007. In Zuid-Azië daalde het sterftecijfer van 122 naar 77, in Noord-Afrika zelfs van 83 naar 35.

Deze winst in ontwikkelingslanden is onder meer te verklaren doordat steeds meer kinderen worden gevaccineerd tegen mazelen. Het aantal mensen dat wereldwijd overlijdt aan mazelen (voornamelijk kinderen onder de 5 jaar) is dan ook met bijna 75 procent gedaald, van 750.000 in 2000 tot 197.000 in 2007. Ook overlijden er minder kinderen aan malaria omdat zij vaker onder een klamboe slapen.

Een flink aantal landen is er in geslaagd om de kindersterfte terug te dringen. Toch lijkt dit millenniumdoel bij een gelijkblijvende voortgang niet in 2015 gehaald te worden. Vooral in Sub-Sahara Afrika blijft de kindersterfte erg hoog. Het sterftecijfer daalt in deze regio maar licht: van 183 in 1990 tot 145 in 2007.

(laatst bijgewerkt: juli 2009)